Met de dood van Jacques Derrida in de herfst van 2004 is de laatste grote denker van de naoorlogse filosofie verdwenen. De standpunten die hij heeft ingenomen beheersen echter nog steeds de agenda van onze discussies. Ze blijven de meest tegenstrijdige reacties uitlokken, gaande van beate bewondering en slaafse navolging tot radicale afwijzing en frontale kritiek. Dit boek onderscheidt zich van beide extremen doordat het zijn geschriften aan een heldere, nauwkeurige en genuanceerde analyse onderwerpt.
Derrida's oeuvre presenteert zich aan ons als een onoverzichtelijk labyrint, bezaaid met ontelbare vertakkingen, dwaalwegen en doodlopende steegjes. Daarom wil het boek de lezer een leidraad toewerpen. Maar het wil hem of haar niet zo snel mogelijk buiten dit labyrint voeren, als wel geduldig in de ongewone denkwereld van de derridiaanse deconstructie binnenleiden.
Met de dood van Jacques Derrida in de herfst van 2004 is de laatste grote denker van de naoorlogse filosofie verdwenen. De standpunten die hij heeft ingenomen beheersen echter nog steeds de agenda van onze discussies. Ze blijven de meest tegenstrijdige reacties uitlokken, gaande van beate bewondering en slaafse navolging tot radicale afwijzing en frontale kritiek. Dit boek onderscheidt zich van beide extremen doordat het zijn geschriften aan een heldere, nauwkeurige en genuanceerde analyse onderwerpt.
Derrida's oeuvre presenteert zich aan ons als een onoverzichtelijk labyrint, bezaaid met ontelbare vertakkingen, dwaalwegen en doodlopende steegjes. Daarom wil het boek de lezer een leidraad toewerpen. Maar het wil hem of haar niet zo snel mogelijk buiten dit labyrint voeren, als wel geduldig in de ongewone denkwereld van de derridiaanse deconstructie binnenleiden. Tijdens deze rondleiding, die tevens een inleiding is, wil de auteur een aantal belangrijke denkwegen exploreren die horen tot zo uiteenlopende domeinen als metafysica, taal- en godsdienstfilosofie, esthetica en ethiek.
Welke ervaringen hebben Derrida tot de deconstructieve vraagstelling geleid? Wat is deconstructie en wat zijn de niet onproblematische vooronderstellingen van een dergelijke vraag? Wat plaatst Derrida tegenover het centrische denken van het logocentrisme? Wat doen we precies wanneer we in de filosofie een apocalyptische toon aanslaan? Is kunst zonder kaders, grenzen, afbakeningen en omschrijvingen mogelijk? Wat betekent het voor de filosofie wanneer de vreemdeling aan haar poort aanklopt? Het boek eindigt met een gesprek dat de auteur met Derrida heeft gehad over de notie van de deconstructie.
'Hij zette de geest van een hele generatie in beweging; alleen iemand als Foucault had een vergelijkbare invloed.' (Jürgen Habermas n.a.v. Derrida's overlijden)
Prof.dr. Erik Oger (1943) is hoogleraar filosofie aan de universiteit van Antwerpen. Hij is met Filip Buekens samensteller van Denken in alle staten en publiceerde over o.a. Kant, Bergson, Popper, Gadamer, Habermas en Kuhn.
Lees verder »
![]() |
abonneer op RSS feeds | ![]() |
deel deze pagina met je vrienden |

Erik Oger (1943) studeerde sociologie en filosofie in Antwerpen, Leuven en Frankfurt am Main. Hij is hoogleraar hedendaagse filosofie aan de universiteit van Antwerpen. Eerder verscheen van hem o.m. Derrida. Een inleiding (2005) en Nachtoog. Schuine wegen van de filosofie (2007), welke boeken beide werden genomineerd voor de Socrates Wisselbeker.
Wat wordt er op Twitter gezegd over ?
Er zijn geen downloads bij 'Derrida'.